XenServer virtualisatie op de testbank

Citrix logo

Tegenwoordig is virtualisatie een hot onderwerp. Verschillende fysieke servers worden broederlijk bij elkaar gezet op één server door middel van virtualisatie. Dit heeft een aantal voordelen, waaronder: resources die toch niet gebruikt worden, worden zo beter verdeeld over meerdere besturings systemen; het stroomgebruik wordt naar omlaag gehaald; er wordt minder gebruik gemaakt van verschillende hardware onderdelen, dus de kans dat er iets faalt wordt kleiner.

Wat kan men tegenwoordig virtualiseren? Kort gezegd: alles. Gaande van desktop systemen tot volledige server farms. De laatste jaren zijn er vele virtualisatie platformen op de wereld gezet. Om er enkele te noemen: VMware, Xen, OpenVZ, Virtuozzo en Microsoft Virtual Server.

Het grote verschil tussen alle platformen is dat de ene geïnstalleerd wordt als software op een bestaand OS en het ander platform als zogenaamd “bare-metal”, wat zoveel wilt zeggen als “eigen besturingssysteem”, rechtstreeks op de harde schijf.

De enige ervaring die ik met virtualisatie heb, was met “VMware Workstation” en “VMware Server” die ik beide op mijn systeem heb gehad om te testen met verschillende servers, zowel Windows als Linux. Tijd om die ervaring uit te breiden ;) ! Daarom ben ik eens gaan “Googlen” naar wat de virtualisatie markt vandaag de dag allemaal te bieden heeft. “Xen” is nog steeds een vrij en gratis platform dat geïnstalleerd wordt op een bestaand OS. Het bedrijf Citrix heeft Xen onder de arm genomen en XenServer gemaakt. Een eenvoudige, duidelijke en mooie voorstelling van XenServer5 staat op deze website.

Opgelet wat betreft de CPU! Als je Windows VM’s wilt gaan draaien moet je ofwel een recente Intel VT of een AMD-V CPU bezitten. Vergeet dit ook niet in te schakelen in de BIOS!

In deze eerste post ga ik XenServer bespreken, later volgt zeker en vast nog VMware.

XenServer

Installatie

XenServer is zo een bare-metal virtualisatie platform. Dit platform is gratis te downloaden, maar met beperkingen. Deze beperkingen kan je enkel wegwerken als je je “Essentials for XenServer” aanschaft. Uiteraard bestaan hierin ook weer variaties. De beperkingen slaan dan vooral op: geen E-mail bij fouten, geen high-availabillity … Voor meerdere servers is high-availabillity (HA) echter een must. Wanneer je gebruik maakt van HA worden Virtuele Machines (VM’s) automatisch naar een andere fysiek XenServer platform overgezet wanneer er iets gebeurt met de eerste machine zodat er weinig of geen downtime is. Als je deze beperkingen geen ramp vindt, kan je uiteraard gewoon gebruik maken van XenServer… of zoals ik: essentials voor 30 dagen gratis uitproberen! :)

XenSource wordt geïnstalleerd met een eenvoudige ISO zoals we die kennen van de Linux distributies. Let op als je gebruik wilt maken van RAID, want dan dien je te beschikken over een hardwarematige RAID controller. XenSource kan niet overweg met software RAID. Fake RAID controllers worden niet ondersteunt. De rest van de harde schijven die je wilt gebruiken worden achter elkaar geplakt tot één grote LVM.

XenServer neemt voor zichzelf slechts 400MB RAM geheugen in gebruik, dat valt nog best mee. Een machine die gebruikt zal worden als onderstel van XenServer wordt sowieso al verwacht over een aanzienlijk aantal GB’s RAM te beschikken om uit te delen aan de VM’s.

Na de installatie

Na de installatie kom je terecht in een GUI waar je een overzicht krijgt van de hele server. Hier kan je o.a.: het hoofd IP voor XenSource instellen, VM’s bekijken, SAN & NAS apparaten toevoegen, enz. Hier volgt een screenshot:

xenserver_console

XenCenter

Voor de rest kan je hier echter niet veel uitsteken. Citrix voorziet echter in “XenCenter“. XenCenter is een programma dat je eenvoudigweg op je Windows desktop moet installeren (helaas, niet beschikbaar voor Linux, via Wine heb ik het nog niet getest…).

Via XenCenter kan je het volledige XenServer beheren. Van kop tot teen. Wanneer je XenCenter voor de eerste maal opstart dien je verbinding te maken met je XenServer. Eens die verbinding rond is, heb je volledige toegang tot de server.

Op de startpagina krijg je een overzicht van al de geïnstalleerde VM’s, hoeveel CPU en hoeveel RAM geheugen ze elk gebruiken, enz. Om te beginnen dien je een eerste VM aan te maken.

Helaas, Citrix laat de gebruiker niet veel keuze wat betreft de installatie van verschillende Linux distributies… Men heeft de keuze uit: CentOS, Debian, Oracle, Redhad, Suse (en Windows). Misschien dat dit later nog zal veranderen. Een overzicht kan je hier vinden. VMware ESX is dan beter uitgerust, maar daarover later meer :)

Het zou teveel leesvoer worden om alle mogelijkheden van XenCenter hier te plaatsen, daarom heb ik een dozijn screenshots genomen. Beelden zeggen soms meer dan woorden.

Benchmarks

Om te controleren of deze bare-metal virtualisator werkelijk geen performance van zijn VM’s afsnoept heb ik enkele benchmarks uitgevoerd. De resultaten worden vergeleken met een gewone installatie van Ubuntu op een EXT3 bestandssysteem. XenServer Resultaten. Hieruit kunnen we besluiten dat de harde schijven evengoed presteren bij XenServer.

Conclusie

XenServer is een stevige, solide basis om virtuele machines op te draaien. Ik heb te weinig ervaring om me uit te spreken hoe XenServer zich gedraagt wanneer er meerdere systemen op draaien en onder zware belasting staat, maar om eerlijk te zijn verwacht ik er zeer positieve resultaten van.

Xen op zichzelf bestaat ook nog steeds, welliswaar dient dit geïnstalleerd te worden op een bestaand OS. Als ik het voor het kiezen heb, zou ik eerder gaan voor een bare-metal installatie, waardoor Xen helaas aan de kant geschoven wordt… Mijn keuze voor een bare-metal installatie leunt op het feit dat er op deze manier weer een falende laag uit heel de toren gehaald wordt en dat er sowieso betere ondersteuning mag verwacht worden. Een bare-metal installatie werkt op zichzelf en is niet afhankelijk van iets of iemand anders.

Bookmark and Share

About the Author